Schwarzblut: een marcherend gesamtkunstwerk

Foto Sonja de Ridder

Foto Sonja de Ridder

‘Schwarzblut! Rhythmus! Achtung! Melodie!‘ Computer gestuurde beats geven een straf marcherend tempo aan, metalig klinkende synths leggen een verontrustende bodem onder de snerende vocalen van Zeon. Bis Aufs Blut heet het ruim vier minuten durende werkje – het manifest van de in Deventer residerende rockformatie Schwarzblut. Volgende week presenteert het vijftal haar derde album Gebeyn Aller Verdammten, een plaat waarop donkere verleidingen worden bezongen. ‘Schwarzblut! Tanzen! Dunkel! Harmonie!’

‘Die goetheanistische Tonkunstgesellschaft Schwarzblut’ luidt de ondertitel van dit bijzondere gezelschap. Het is meer dan zomaar een rockband. Een ‘gesamtkunstwerk’ noemen ze het zelf. Richard Wagner, die overigens stevig na-echoot in Bis Aufs Blut, gebruikte de term in de negentiende eeuw al voor het samenspel van diverse kunstzinnige disciplines. Schwarzblut combineert elektronische rock met historische Duitse lyriek, ontleend aan schrijvers en filosofen als Heine, Schopenhauer en Moritz Graf von Strachwitz. Aankleding, fotografie en video vervolmaken de artistieke ambities.

De voorliefde voor Duitse dichtkunst en snauwerige discipline roept associaties op met het Sloveense kunstcollectief Laibach, maar ook met de ironiserende Tanz-metal van Rammstein. Van hun zanger Till Lindemann verscheen onlangs een Nederlandse vertaling van zijn dichtbundel In Stillen Nächten. Nota bene opgetekend door Ilja Leonard Pfeijffer. Het boekje laat zien hoe zinloos zo’n vertaling kan zijn. De schoonheid en kracht van de Duitse taal laat zich maar moeilijk in onze calvinistische poldertaal vatten. Schwarzblut begrijpt dit maar al te goed.

Zur Hölle, Hymnus An Den Zorn en Lied Der Rache klinken ferm. Misschien ook een beetje fout. Maar dat is het mystieke aan bands als Laibach, Rammstein en Schwarzblut. De flirt met Wagneriaanse bombast en stampende marstempo’s fronsen de wenkbrauwen, maar speelse overgangen naar engelenzang en vederlichte dansmelodieën halen de kou ook weer uit de lucht. Toch hangt er altijd een merkwaardig soort spanning rond deze intrigerende acts. Maar ter relativering: hoe dwingend de muziek ook kan zijn, een knipoog biedt altijd een uitvlucht.

Schwarzblut heeft overigens nooit veel opgehad met uniformen en legerlaarzen. Hun zwart lederen outfits wijzen meer in de richting van de gothic-scene. En dat is enigszins misleidend. Hoewel, als het openingsnummer Wer Vom Ziel Nicht Weiß de orkestrale sluizen openzet, lijkt een track van een willekeurige gothrockband de luisteraar te overspoelen. Toch leunt de muziek van Schwarzblut meer op grimmige elektronica dan bij gangbare gothic-metalformaties als Epica en Within Temptation. Schwarzblut klinkt industriëler, mechanischer.

De gitaar speelt dan ook een ondergeschikte rol. Luister naar de dreigende synthesizerhel Von Des Todes Gewißheit Und Der Tugend. Een sinister, zwaar aangezet danceritme roept de duivel op, een kerkorgel kermt zacht op de achtergrond. Tussen de twee vocalisten Zeon en Angèlika ontbrandt een zeventiende-eeuwse tweestrijd. Een strijd tussen goed en kwaad. In de slotregels lijkt het of de band zichzelf herkent: Ich rief den Teufel und er kam / Und ich sah ihn mit Verwundrung an / Und als ich recht besah sein Gesicht / Fand ich in ihm einen alten Bekannten.

Schwarzblut presenteert het album Gebeyn Aller Verdammten, Burgerweeshuis Deventer 10/5.

Like us on

Facebook